Poëziedebuutprijs voor J.V. Neylen

… maar dat mijn poëziedebuut ‘Voor permanente bewoning’ genomineerd was, was en is een feest op zich! Neylens bundel is een prachtige en verdient alle lof. Mooie woorden uit het juryverslag:

“De vervrouwelijking van de poëzie is al enkele jaren ingezet en de vijfde uitreiking van de Poëziedebuutprijs maakt opnieuw duidelijk dat de tendens geen tijdelijke opflakkering is. De vrouwelijke stem verankert zich steeds steviger in de Nederlandstalige literatuur. De Poëziedebuutprijs, een prijs van Poëziecentrum en deAuteurs, selecteert sinds 2017 de beste debuten en de jury nomineerde ook voor deze editie de vier sterkste van het afgelopen jaar. Dat zijn onbedoeld, maar dus niet toevallig vier vrouwelijke dichters: J.V. Neylen met En niet bij machte (Atlas Contact), Anna de Bruyckere met Voor permanente bewoning (Cossee), Meity Völke met Aan het licht (De Arbeiderspers) en Elly Stolwijk met Liefde de vluchtige holte (In de knipscheer). Vier bundels, vier uiteenlopende verhalen.”

Over mijn bundel:

“Anna de Bruyckere (1987, Middelburg, Nederland) begint haar bundel ogenschijnlijk braaf. Ze verwondert zich over het kleine en alledaagse, tot ze gaandeweg de rauwe actualiteit van menselijk leed en migratie toelaat en ze haar klassieke stijl laat schuren met de onconventionele realiteit. ‘Voor permanente bewoning’ is soepel gecomponeerd: de Bruyckere speelt met taal en structuur en neemt de lezer zo ongedwongen mee, zelfs naar plekken waar het donker en ongemakkelijk wordt.

Dat is mooi verliezen zo. Over de winnende bundel:

“J.V. Neylen (1989, Antwerpen) is de jongste geselecteerde dichter voor de Poëziedebuutprijs Aan Zee 2021. Toch valt op hoe doorleefd haar poëzie is: plechtstatig verwoordt ze haar zoektocht naar identiteit en naar de eeuwige balans tussen hoog willen reiken, maar zich teruggetrokken weten naar al wat grond is. En niet bij machte overtuigde de jury door haar volgehouden kwaliteit, de weerklank van een Vlaamse, poëticale traditie – denk aan Claus, Nolens, Pernath – en door de nauwkeurige, retorisch rijke formulering. Neylen dicht barok, maar steeds intimistisch en doordacht: de beelden die ze oproept, haken in elkaar vast tot ze in het laatste gedicht samenkomen in een sculptuur van motieven. J.V. Neylen is een belangrijke nieuwe stem in het Nederlandstalige literatuurveld. Ze toont dat er naast het experiment of het pleidooi vandaag nog steeds plaats is voor een nieuwe ent op een klassieke stam.”

Juryleden: Sarah Vankersschaever (voorzitter), Hans Vandevoorde, Maud Vanhauwaert, Tineke De Meyer